Wat zijn wij een ontzettend verwende maatschappij geworden! Niet eens omdat we alles willen en wel nu – al helpt dat niet – maar juist omdat we koste wat het kost geit en kool willen sparen. Of zoals de Engelse het zo treffend zeggen: we want to have our cake and eat it, too.
Het ergste is dat we oprecht zijn gaan geloven dat zo leven zonder compromissen ook realistisch is. Met verstrekkende gevolgen voor alles en iedereen, zoals we inmiddels dagelijks in het nieuws zien.
Moet kunnen!
De afgelopen decennia zijn we met name in de Westerse maatschappij steeds meer gaan geloven dat alles maakbaar is. Als is mogelijk, werd het motto. En dus moet alles ook maar mogelijk gemaakt worden, tot aan het bizarre toe.
- Same day delivery vanuit de andere kant van het continent? Moet kunnen!
- Minder vliegbewegingen en tegelijk vaker met vliegvakantie? Moet kunnen!
- Meer asfalt maar en tegelijk ook meer biodiversiteit? Moet kunnen!
- Alle kinderen op het hoogste onderwijsniveau? Moet kunnen!
- Iedereen een huis zonder betaalbare woningen beschikbaar te maken? Moet kunnen!
- Iedereen met een WIA-uitkering fulltime aan het werk? Moet kunnen!
- Bevolkingsgroei aanhouden en tegelijk bezuinigen op de zorg voor die bevolking? Moet kunnen!
…en, wringt het al ergens? Voel je je bloed al borrelen en vanonder je nagels weg trekken?
Grote kans van wel. Want er zijn genoeg dingen, ook in de voorbeelden hierboven, waarvan jij best weet dat ze elkaar uitsluiten. Als je je taart opeet, staat ‘ie niet meer op tafel. Als ie op tafel staat, kan je hem niet opeten, want eenmaal in je mond staat de taart niet meer op tafel. Zoals gezegd, you can’t have your cake and eat it, too.
We zullen dus moeten kiezen. We moeten compromissen sluiten. Alleen wil niemand meer water bij de wijn doen, want waarom zou je?
Maakbaarheid en polarisatie
Wanneer “alles mogelijk is”, wil je natuurlijk geen genoegen nemen met minder. Niemand wil een halve taart als je de hele taart “gewoon moet kunnen” krijgen.
“Alles is mogelijk, dus moet ik die taart gewoon op tafel kunnen hebben staan!”
maar ook
“Alles is mogelijk, dus ik moet die taart gewoon helemaal kunnen opeten!”
Beide zijn heel valide gevoelens, leert de filosofie van vandaag. Beide partijen hebben gelijk, en zouden ook gelijk moeten krijgen als validering van hun zeer valide gevoelens. Alleen wordt die insteek knap problematisch als het tafel-kamp en het opeten-kamp het allebei over dezelfde taart hebben.
Even een stap terug.
Oorspronkelijk was het idee van ‘maakbaarheid’ het aanmoedigen van persoonlijke zeggenschap, wat de Engelsen agency noemen. De boodschap was: “je hebt je leven zelf in de hand”, in de zin dat je zelf invloed hebt op hoe je met de onvermijdelijke gebeurtenissen in het leven. “If life gives you lemons, make lemonade.”
Maar ergens onderweg is ‘maakbaarheid’ verworden tot de overtuiging dat we overal invloed op hebben in ons leven. Alles is mogelijk, hier en nu. Als je maar genoeg je best doet, hard genoeg werkt en positief genoeg denkt, is het leven volledig maakbaar.
Als dat inderdaad waar is, waarom zou je dan nog genoegen nemen met een stukje van de taart? Als je de hele taart zou moeten kunnen krijgen, waarom tevreden zijn met zelfs maar de helft?
Met die insteek graven het tafel-kamp en het opeten-kamp zich in. De lijn tussen beide kampen wordt met iedere confrontatie steeds dieper, omdat niemand bereid is om ook maar iets van die taart te delen.
Et voila, het recept voor polarisatie.
Verliezen hoort bij het leven
De rauwe werkelijkheid is dat niemand ooit een hele taart voor zichzelf heeft. Degene die dat wel voor elkaar krijgen zijn maar een handjevol, en die worden gek van hun eigen sugar high (bijv: tech billionaires). Maar of je nou een stukje taart hebt of een hele bakkerij, je kan nog steeds niet daar gelijktijdig twee tegenstrijdige dingen mee doen.
We zullen dus moeten kiezen. We zullen moeten delen. En dat betekent dat we weer om moeten leren gaan met verlies.
Leren tegen je verlies kunnen. Leren dat verlies onvermijdelijk is. Leren dat we allemaal wel eens verliezen en dat dat heel rot is, maar dat het bij het leven hoort. Evenals de dood. Het verliezen van dierbaren doet pijn. Zelf doodgaan, da’s al helemaal moeilijk te verkroppen. Maar het gaat op enig moment toch gebeuren. Voor ons allemaal.
Hoezeer het wel zo kan voelen, toch is iets of iemand kwijtraken of teleurgesteld zijn niet het einde van de wereld. Dingen zijn misschien anders dan je dacht of had gehoopt, maar de wereld draait door. Want verliezen hoort bij het leven, en het leven gaat door. Met of zonder jou.
Wanneer we die realiteit weer onder ogen durven zien, en weer leren omarmen dat verlies heel normaal is, misschien kunnen we dan toch nog voorkomen dat we, als mensheid en als maatschappij, onze menselijkheid verliezen.
